Kerstavond – deel IV

23 december 2018
Delen via:

Ze zet haar stem uit – die nu niet mag breken. Het is of ze een hendel overhaalt in haar strottenhoofd, die alle adem naar één punt moet jagen.
‘Ik wil iets anders vragen. Ik wil vragen… als ik op bed ga liggen… of u even naast mij komt liggen en uw arm om mij heen slaat…’

Een arm

Ze ziet zijn ogen zich verwijden achter zijn bruingevlamde bril, de bruine wenkbrauwen schieten omhoog, een spiertje trekt in zijn onderste ooglid, de boog waar vrouwen hun lijntjes zetten. Ze heeft het Mirja vaak zien doen. ‘U wilt…?’ ‘Een arm om mij heen. Nog één keer met kerst een arm
om mij heen.’ Ze wendt zich af, schopt snel haar pantoffels uit, slaat het
dekbed terug, gaat op het bed zitten zonder hem verder aan te kijken, laat zich langzaam op haar zij zakken tot ze ligt, met de rug naar hem toe. Er daalt een kalmte in haar neer. Alleen al dat ze haar vraag gesteld heeft geeft haar rust, alsof ze ergens is aangekomen na een reis. Hij zegt niets, denkt ze. Maar ze hoort hem ook niet weggaan.

Stilte

Haar jurk ligt over haar knieën, haar kousenvoeten verdwijnen
onder het teruggeslagen dekbed. Ze legt haar handen geduldig voor zich terwijl haar hoofd op het kussen rust.
Ze kijkt niet over haar schouder achterom, haar nek zou trouwens nog geen klein stukje mee kunnen draaien tot waar haar ogen zijn jas zouden kunnen zien. ‘Alstublieft,’ zegt ze zacht voor zich uit. Nu is er alleen zijn
adem die ze hoort. Een auto ver weg. Stilte.

Het geluid van zijn bril die op het nachtkastje wordt gelegd. Geluiden van beweging, broekspijpen, ze voelt hoe de matras beweegt, hoe hij achter haar schuift, zijn borst tegen haar rug legt, zijn benen tegen haar benen, behoedzaam.

Even weet hij geen blijf met zijn geschoeide voeten, hij legt ze op het dekbedeind. Ze voelt zijn knieën in haar knieholten. Ze liggen als lepels in een doosje naast elkaar. Hij legt zijn arm om haar heen. Niet om haar buik. Hij laat zijn arm rusten op haar heup en haar bovenbeen. Het is goed.
Hier ligt ze, zijn arm is om haar heen. En het is op de rand van kerstavond. Ze is heel wakker nu, staat aan de vloedlijn waar de einder vervaagt. De zee ligt voor haar, de zee legt zijn golven op het strand en blijft dat doen. De zee blijft er altijd bij, is eeuwig, gaat nooit dood. Ze voelt zijn arm om zich heen.



Verhalen vertellen is juist in de kersttijd een waardevolle traditie. Het voorlezen van een goed kerstverhaal geeft een bijzonder moment, thuis of in een kerstviering.
Deze bundel bevat de allermooiste kerstverhalen. De geuren, kleuren en klanken van kerst komen op een verrassende en soms onverwachte manier in deze verhalen naar voren.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *