Amanda Barratt over Dietrich, mijn liefste

28 april 2020
Delen via:

‘Ik zie het als een voorrecht dat ik het verhaal van Dietrich en Maria mag delen met anderen’ Je zou er met gemak een flinke boekenkast mee kunnen vullen: boeken over en van Dietrich Bonhoeffer. Maar tussen al die titels moet je goed zoeken om er een te vinden waarin Maria von Wedemeyer voorkomt. Want hoewel ze zijn verloofde was, is er weinig over haar geschreven. Jammer, als je het Amanda Barratt vraagt, want Maria was een dappere en opmerkelijke vrouw. Maar dat is niet de enige reden. Amanda: “Door Maria leer je een andere Dietrich Bonhoeffer kennen dan de Dietrich Bonhoeffer die bij ons allemaal bekend is.”

Interview: Daniëlle Heerens

Dat alles bij elkaar deed Amanda besluiten om een boek toe te voegen aan de al bestaande verzameling. Een roman. Een die niet gaat over Dietrich Bonhoeffer de dominee, theoloog en lid van het verzet, maar over de man erachter. Degene die op een onwaarschijnlijk moment – midden in de Tweede Wereldoorlog – verliefd wordt op de achttien jaar jongere Maria.

Niet veel mensen weten dat Dietrich Bonhoeffer ooit verloofd was met Maria von Wedemeyer. Hun liefdesgeschiedenis is een onbekend verhaal. Maar absoluut een dat het waard is om verteld te worden. Dat besefte Amanda, toen ze een aantal jaar geleden voor het eerste hoorde van de vrouw in Dietrich Bonhoeffers leven. “Mijn nieuwsgierigheid was direct gewekt”, vertelt Amanda.

“Ik wilde weten wat voor vrouw het was die het hart van een man als Dietrich Bonhoeffer had gewonnen en zodra ik meer over haar te weten kwam, ontstond het verlangen om haar verhaal, of beter gezegd: het verhaal van haar en Dietrich, te vertellen. Want hoewel de vrouw van een grote man als Bonhoeffer meestal over het hoofd wordt gezien of in de schaduw blijft, speelde ze een belangrijke rol in zijn leven. Maria was in veel opzichten Dietrichs tegenpool – levendig, waar hij introvert was; emotioneel, waar hij gereserveerd was; en ze was jaren jonger – maar ze veranderde zijn leven en had invloed op zijn werk.”

De ‘gewone’ Dietrich Bonhoeffer

Om hun verhaal te vertellen, had Amanda echter meer informatie nodig, en dus dook ze in het leven van Maria en Dietrich. Amanda: “Over Dietrich wist ik al het een en ander, zoals dat hij een Duitse theoloog en dominee was, die tijdens de oorlog betrokken was bij het complot tegen Hitler. Dat had ik ook altijd zo fascinerend aan hem gevonden: dat hij zich, als Duitser, verzette tegen het naziregime, was vrij uniek. En ook het feit dat hij zo door zijn geloof gemotiveerd werd, raakte me. Maar door wat ik over hem en Maria las, leerde ik nog een andere Dietrich Bonhoeffer kennen: de ‘gewone’ Dietrich Bonhoeffer. Iemand als jij en ik, die niet perfect is, maar tekortkomingen heeft. Die angst en onzekerheid kende. Die verliefd werd en daarmee worstelde. Hij werd voor mij meer dan ‘de briljante theoloog en martelaar’, zoals hij vaak wordt afgeschilderd. Menselijker. En hoe meer informatie ik doorspitte – van talloze biografieën tot documentaires en alles ertussenin – hoe zekerder ik ervan werd dat ik het verhaal van hen samen een groter podium moest geven.”

Een grote verantwoordelijkheid

Met zoveel researchmateriaal zou je zeggen dat het schrijven van Dietrich en Maria’s verhaal niet zo moeilijk moest zijn. Maar dat was het wél. “Hun verhaal goed onder woorden brengen, vond ik een uitdaging”, zegt Amanda. “Of misschien moet ik zeggen: een grote verantwoordelijkheid. Zo voelde het namelijk. Omdat ik veel respect heb voor Dietrich en Maria, wilde ik hun verhaal zo accuraat en eerlijk mogelijk optekenen, maar dat bleek niet zo simpel. Juist door die enorme hoeveelheid informatie.

Vaak leek het op zoeken naar diamanten in een enorme zandbak. Maar ik wilde hun geschiedenis vanuit hun ogen zien, daarom heb ik me gefocust op de brieven die ze elkaar schreven, fragmenten uit Maria’s dagboek, en daarnaast de andere brieven die Dietrich schreef, zijn preken, gedichten en theologische werken. Wat ook lastig was, waren de vele meningen en vermoedens die ik tegenkwam. Wat was waar? En de laatste scènes waren bijvoorbeeld emotioneel gezien niet zo makkelijk te schrijven. Ik schudde het verhaal dus echt niet even uit mijn mouw.’

Opofferende liefde

Maar het schrijven van deze roman was niet alleen uitdagend en moeilijk. ‘Het was vooral mooi om te doen”, zegt Amanda. “Omdat Maria en Dietrich me inspireerden. Onder andere door hun opofferende liefde. Zo zag Dietrich op het laatste moment af van het plan om uit de gevangenis te ontsnappen, omdat de mogelijkheid bestond dat er dan represaillemaatregelen tegen zijn familie en Maria zouden worden genomen. Maar daarmee zette hij zijn leven op het spel. Maria op haar beurt had haar vader en broer verloren aan de oorlog en de kans dat ze Dietrich eveneens zou verliezen was groot, maar niettemin besloot ze hem haar hart te geven en had ze veel voor hem over.

Dat zegt veel over hen. Ook hun moedige geloof raakte me. Want hoewel het destijds niet zonder gevaar was om te geloven en het hun voor moeilijke keuzes stelde, hielden ze beiden vast aan hun geloof. In Dietrichs geval hield dat in dat hij op een zeker ogenblik moest kiezen tussen zijn gewetensbezwaren opzijzetten en meedoen aan het complot om Hitler te doden, of trouw blijven aan die principes en niets doen om het kwaad te stoppen. Moeilijk, maar voor Dietrich was duidelijk wat hij moest doen, want hij wist: ik kan niet werkeloos toekijken, terwijl de Joden en andere ‘minderwaardige’ mensen worden vervolgd.”

Bonhoeffers erfenis

Dat soort dingen deden wat met Amanda. “Tijdens het researchen en schrijven werd ik keer op keer aan het denken gezet”, vertelt ze. “En misschien wel het meest door de wijze waarop Dietrich gedurende zijn leven Jezus volgde. Dat hij dat deed, werd onder meer duidelijk in 1939, kort voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. Omdat hij niet wilde deelnemen aan het soort oorlog dat Adolf Hitler wilde voeren, verruilde hij Duitsland voor Amerika. Maar eenmaal daar voelde hij zich ongemakkelijk over het feit dat hij daar was; hij moest alsmaar denken aan zijn vrienden in Duitsland. Zesentwintig dagen later voer hij terug naar Europa, omdat hij tot de conclusie was gekomen dat hij het niet kon maken om pas na de oorlog terug te keren naar Duitsland om te helpen met de wederopbouw; hij moest de Duitse burgers bijstaan tijdens de donkere tijd die op komst was.

Maar er was meer. Na zijn terugkomst publiceerde Dietrich een boek over de psalmen, terwijl de Duitsers het Oude Testament uit de Bijbel wilden halen; hij gaf in het geheim les aan theologiestudenten; sprak zich uit tegen de Jodenvervolging, terwijl het gevaarlijk was om te doen; en zoals gezegd hielp hij mee bij de poging om het naziregime omver te werpen. Dietrich leefde zijn geloof door het handen en voeten te geven, terwijl zoveel ‘christenen’ zich in die tijd afwendden en niets deden. Toen ik daarover nadacht, voelde ik me veroordeeld en vroeg me af: voelen wij, christenen anno nu – ik inclusief – ons aangesproken door de opdracht om het ‘comfortabele geloof’ achter ons te laten om te doen wat Jezus van ons vraagt?

Dietrich voelde zich dat in ieder geval wel, dat is duidelijk. En tot zijn dood vertrouwde hij boven alles op God. Zijn laatste boodschap, een paar uur voor zijn executie, was: ‘Dit is het einde. Maar voor mij is het het begin van het leven.’ Hij sprak deze woorden in de wetenschap dat zijn aardse leven nog maar enkele uren zou duren, dat hij nooit zou trouwen met de vrouw van wie hij hield en zijn familie aan deze kant van de hemel nooit meer zou zien. Zijn vertrouwen en geloof hebben indruk op me gemaakt en ik zie het als een voorrecht dat ik dit verhaal nu mag delen met anderen. Dietrich Bonhoeffers erfenis kan ons vandaag de dag veel leren over standhouden tegen het kwaad en je geloof leven. Schrijven over hem en Maria heeft mij persoonlijk veranderd en ik bid dat het verhaal diezelfde uitwerking heeft op iedereen die het leest.”

De kracht van verhalen

En nog even over schrijven. Dat is iets wat Amanda nog lang hoopt te kunnen doen. “Ik kan eigenlijk niet anders, want voor mij geldt wat de bekende auteur Jodi Picoult ooit zei: ‘Ik schrijf, omdat ik niet níét kan schrijven.’ Ik houd van alle facetten ervan – van het uitwerken van ideeën tot het ontdekken van nieuwe historische figuren en een manier te bedenken om ze een plekje te geven in mijn verhaal. Mijn doel? Ik hoop lezers mee te voeren naar een andere tijd en plaats en hen aan te sporen tot een leven met God. Ik geloof dat verhalen dat kunnen, want ze hebben kracht. Maar ik schrijf eerst en vooral om God eer te brengen. Of zoals ik in de meeste van mijn boeken voorin schrijf: soli Deo gloria. Voor Zijn glorie.”

Amanda Barratt

Amanda Barratt wilde als meisje al schrijfster worden en verhalen schrijven is precies wat ze nu doet op haar ‘vintage zolderkantoor’. Maar het is niet het enige wat ze doet. Zo brengt ze ook graag een bezoekje aan musea, omdat ze zich daar kan onderdompelen in de geschiedenis, en stapt ze regelmatig een koffiezaakje binnen om te genieten van een mocha latte. En als ze op geen van die plekken is? Dan zit ze waarschijnlijk ergens met haar neus in de boeken. Of ze kijkt naar een kostuumdrama op tv of een romantische meidenfilm.

Amanda: “Als je mij vraagt wat ik het mooiste vind wat Dietrich Bonhoeffer heeft geschreven, is het antwoord het gedicht Wie ben ik? Hij schreef dit toen hij een jaar in de gevangenis zat en het gaat over zijn worsteling met hoe hij zich aan de buitenwereld toont en de kwetsbare, gebroken man die hij vanbinnen is. Dit gedicht is de essentie van Dietrich, mijn liefste. Wat we ook te verduren krijgen op aarde, we kunnen vertrouwen op de waarheid dat we God toebehoren. En dat Hij onze toekomst in Zijn hand houdt.”

Wie ben ik?

Wie ben ik? Men zegt mij ook
dat ik, gewend om te winnen
en evenwichtig van zinnen,
lachend mijn ongeluksdagen draag.

Ben ik dat werkelijk,
wat anderen over mij zeggen?
Of ben ik slechts dat,
wat ik weet van mijzelf?
Onrustig, weemoedig, ziek,
als een vogel in de strik
vechtend om levensadem.

Wie ben ik? Deze of gene?
Ben ik vandaag deze en morgen een ander?
Ben ik beiden tegelijk?
Voor mensen een huichelaar
en voor mijzelf een verachtelijke,
klagelijke zwakkeling?

Wie ben ik?
Eenzaam vragen drijft met mij de spot.
Wie ik ook ben, Gij kent mij,
Van U ben ik, o God!

Dietrich, mijn liefste

In 1942 ontmoet Dietrich Bonhoeffer haar: Maria von Wedemeyer, de kleindochter van een oude vriendin. Hij heeft haar zien opgroeien, maar nu is ze ineens veranderd in een aantrekkelijke en gevatte jonge vrouw. Wat Dietrich en Maria allebei niet verwachten, gebeurt: er bloeit een hartstochtelijke liefde tussen hen op. Een liefde die door de oorlog geen toekomst heeft en grote risico’s in zich draagt, maar zich desondanks niet laat tegenhouden. Hoever zijn ze bereid te gaan om hun liefde een kans te geven?

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *