Zomerlezen Sneak Preview uit De draad die ons verbindt – Dineke Epping

15 juli 2020
Delen via:

Deze Zomerlees-Sneak-Preview neemt je mee naar Shrewsbury, 1880!  De draad die ons verbindtgeschreven door Dineke Epping, is een van onze absolute zomertoppers! Eileen Brady moest zeven jaar geleden noodgedwongen haar pasgeboren dochtertje afstaan. Inmiddels heeft ze zich opgewerkt tot naaister in een gerenommeerd atelier, maar de vraag wat er met haar dochter gebeurd is, blijft knagen. En uiteindelijk verhuist ze haar dochtertje achterna naar het dorpje Almsbrick. Maar ook soldaat Matthew Wilson arriveert in Almsbrick…

Lees snel meer over het hele boek

Shrewsbury, Shropshire, maandag 11 oktober 1880

 

‘Natuurlijk begrijp ik uw bezwaren, Lady Almsworth.’ Koortsachtig dacht Eileen Brady na over de beste oplossing voor de dame die met rode blosjes van verontwaardiging tegenover haar stond.

Lady Almsworth was precies zoals zij zich zo’n deftige matrone altijd had voorgesteld, te beginnen met haar hooghartige houding. Verder had ze een omvangrijke gestalte en een imposante boezem, en Eileen kon zich levendig voorstellen hoe zij een groot en statig landhuis binnenzeilde. Dat was namelijk precies wat ze zojuist ook bij madame Carrolls modeatelier had gedaan, de plek waar Eileen als naaister werkzaam was. Nu stond ze voor Eileen in de laatste… tja, de laatste creatie die ze had laten maken.

‘Ik heb madame Carroll niet betaald om eruit te zien als een zieke kalkoen,’ brieste Lady Almsworth. Ze hief haar hoofd, waardoor haar dubbele onderkin begon te schudden.

Eileen verslikte zich. ‘Nee, my lady. Dat begrijp ik,’ wist ze uit te brengen. Maar dat was niet genoeg.

Achter haar, in de pasruimte van het modeatelier, stonden Lucy en Mary, de andere twee naaisters, met ingehouden adem te wachten. Eileen moest snel met iets goeds komen. Een dame als Lady Almsworth, die met een baronet was getrouwd en in een groot landhuis op het platteland woonde, kwam niet zomaar terug naar het atelier in de stad. Ze moest erg, erg ontevreden zijn. En nogmaals, nu de grote spiegels genadeloos alle mankementen van de avondjapon toonden, begreep Eileen dat helemaal.

‘Ik ben blij met uw begrip, juffrouw Brady,’ snibde de dame. ‘Maar de vraag is wat u eraan gaat doen. Deze mouwen zijn ronduit belachelijk.’

Achter haar hapte Lucy naar adem. Zij had de japon genaaid wegens tijdgebrek van de meer ervaren coupeuses. ‘Ik heb al voorgesteld om een gekleurd lint te gebruiken,’ piepte het timide meisje. ‘Kijk zo…’

‘Uw collega denkt kennelijk dat ik in een theater ga werken, juffrouw Brady.’

Het zou niet eens zo’n gek idee zijn, de vrouw had in elk geval gevoel voor drama. Nu hief Lady Almsworth haar arm op. De korte mouw was wijder dan op het patroon was aangegeven, dat wist Eileen zeker, en onderaan zag ze… een kwastje? Verbijsterd staarde ze Lucy aan. In al haar jaren bij madame Carroll had ze nog nooit zoiets onnozels gezien.

‘Ik dacht…’ begon Lucy met trillende stem. ‘Omdat het een feestjurk is…’

‘Een fééstjurk?’ loeide Lady Almsworth. ‘Wat denk je wel, kind? Het is een avondjapon die ik naar een feest zal dragen. Althans, dat wás de bedoeling.’

Uit Lucy’s keel kwam slechts een klein, zielig kreetje. Eileen hoopte van harte dat het jonge, onzekere meisje niet in tranen zou uitbarsten. Daarmee zou ze er alleen maar voor zorgen dat Lady Almsworth extra eisen ging stellen. In kwesties als deze was het belangrijk koel en professioneel te blijven. Zoals zijzelf had geleerd.

Ze haalde diep adem en richtte zich in haar volle lengte op, al was ze helaas niet bijzonder lang. Gaven de sproetjes op haar gezicht haar maar niet zo’n jong uiterlijk. ‘We zullen onmiddellijk de kwastjes verwijderen, my lady. Dit berust op een vervelend misverstand.’

‘Laat me dan nu duidelijk zijn, juffrouw Brady. Ik ben geneigd te wachten tot ik madame Carroll zelf kan spreken. Ik eis dat er een nieuwe japon wordt gemaakt.’

Eileen wist niet of ze moest hopen of vrezen dat madame Carroll snel terugkwam. Alle meters nachtblauwe zijde die in de mislukte avondjapon waren verwerkt, al het kant dat was verspild… Niemand anders zou een japon willen kopen die door Lady Almsworth was afgedankt.

‘Ik heb nog nooit zulk slecht werk van atelier Carroll gezien,’ ging Lady Almsworth verder. ‘Hoelang werkt u hier nu, juffrouw Brady?’

‘Al zeven jaar, my lady. Sinds 1873.’ Het was haar redding geweest, maar dat mocht niemand weten. Madame Carroll zou haar op staande voet ontslaan, hoe goed ze ook met lastige klanten kon omgaan.

Ze keek naar de kwastjes die vrolijk plagend – nee, tartend – op verschillende plaatsen aan de japon bengelden. Er schoot haar ineens iets te binnen. ‘Strikjes!’

‘Strikjes?’ herhaalde Lady Almsworth en ook Lucy keek haar verdwaasd aan.

‘Inderdaad, strikjes. Die zijn we helemaal vergeten. Lucy, haal de Franse magazines voor me.’

Het meisje knipperde met haar grote, blauwe ogen. ‘De… de magazines?’

Met moeite onderdrukte Eileen een zucht. ‘In de kast naast het bureau. Grote vak aan de linkerkant. Rechter stapel. Ik heb de nieuwste bovenaan gelegd.’ Ze zorgde altijd voor structuur, dat leverde later voordeel op. Zoals nu. De hele indeling van het atelier kon ze dromen.

Gedienstig kwam Lucy al met de modebladen aanzetten.

Eileen hoefde slechts even te bladeren. Ze wist nog precies waar ze het model had gezien. ‘Dít had het ontwerp van de mouwtjes moeten zijn.’

Lady Almsworth keek zuinig.

‘Mag ik het u laten zien?’ Ze pakte een doosje spelden uit haar keurig geordende naaidoos. Daarna tilde ze de stof van het losvallende mouwtje wat omhoog en zette die vast. Zorgvuldig schikte ze de kleine plooitjes. ‘En hier komt dan een klein strikje. Niet overdadig, maar heel verfijnd.’ Ze gebruikte een overgebleven stuk zwart lint.

Keurend hield Lady Almsworth haar hoofd schuin.

Over haar schouder keek Eileen mee in de grote spiegel. Er ontbreekt iets. Ze pijnigde haar hersenen over de juiste afwerking.


Eileen hoopt in Almsbrick een band met haar dochtertje op te bouwen en haar uiteindelijk te kunnen meenemen. Maar hoe meer ze betrokken raakt bij het dorpsleven van Almsbrick, hoe ingewikkelder alles wordt. Want hoe kan ze haar nieuwe vriendin Rosie nog de rug toekeren? Of de rouwende Moira helpen haar winkel draaiend te houden, terwijl ze de weduwe straks alles zal afnemen wat haar dierbaar is?

Maar Matthew arriveert ook, gewond en gedesillusioneerd door de oorlog waarin hij heeft gevochten. En vastbesloten om niet zoals veel oud-soldaten in de goot te belanden, gaat hij de uitdaging aan om een verwaarloosde pachtboerderij over te nemen. Zo kan hij in het dorp blijven en een oogje op zijn nicht Moira houden… en achterhalen wat die nieuwe naaister werkelijk van plan is.

>> Bestel dit boek voor €23,99 en het wordt gratis naar je toe verzonden!


‘Er is nog meer van dat zwarte kant voor de halslijn,’ suggereerde Lucy hoopvol.

Lieve help, nee. Lady Almsworths decolleté behoefde beslist niet nog meer nadruk.

‘De japon op die andere afbeelding heeft kleine roosjes,’ zei de dame op triomfantelijke toon. ‘Zoiets leveren jullie zeker niet?’

‘Ik ben bang…’ begon Lucy. Maar dat was precies de oplossing!

‘Natuurlijk wel,’ onderbrak Eileen haar vlug. ‘Maar wij maken ze van smal satijnlint, wat in feite een nog kunstiger effect geeft.’

Ze deed het Lucy en Mary voor, en hoopte dat die deze keer goed werk zouden leveren. ‘Met dezelfde strikjes als op de mouwen bevestigen we hier een snoer van roosjes. Dat benadrukt de elegante vorm van de rok.’ En verdoezelt de fouten. ‘Ik kan u er zelfs enkele meegeven voor in uw haar.’

Lucy pakte ijverig een paar spelden om de roosjes vast te maken en Eileen zag hoe haar vingers trilden.

‘Laat mij maar.’ Ze was trots op de techniek die ze had ontwikkeld om jurken snel en netjes af te spelden. Het was minstens vier jaar geleden dat ze per ongeluk een klant had geprikt en dat mocht nu zeker niet gebeuren.

Toen ze de belachelijke kwastjes had verwijderd en klaar was met het lint, deed ze een stap achteruit en wachtte. Op Lucy’s gezicht was de spanning te lezen. Als het meisje nu alles verder maar aan haar overliet. De stilte duurde veel te lang.

‘Ik vind het mooi,’ verklaarde Lady Almsworth ten slotte.

Eileen probeerde niet toe te geven aan de opwinding die ze voelde door de goedkeuring van de dame. Koel en professioneel.

‘Het is me wel een raadsel waarom dit niet bij het oorspronkelijke ontwerp hoorde.’

Lucy deed haar mond open om te antwoorden, maar Eileen keek haar indringend aan, zodat ze haar kaken weer op elkaar klapte. Heel goed.

Eileen hield het modeblad omhoog. ‘Net binnen uit Parijs, my lady. Ik zal er persoonlijk op toezien dat de versiering volgens de laatste mode wordt aangebracht.’

‘Ik wil niet dat er nog andere naaisters aan mijn japonnen werken,’ waarschuwde Lady Almsworth met een vernietigende blik op Lucy.

Pardoes liet het meisje haar spelden vallen. Eileen knarsetandde.

‘Help me nu mijn wandelkostuum weer aan te trekken, juffrouw Brady.’

Vlug en behendig assisteerde Eileen haar.

‘Als u goed werk levert, volgt een nieuwe opdracht voor de feestdagen,’ zei Lady Almsworth. ‘Zowel mijn dochters als ikzelf wensen dan een nieuwe japon te dragen. Onder de voorwaarde dat u ze maakt.’

‘Dat zou ik een eer vinden, my lady.’ Ze klonk nog altijd kalm en zakelijk, want als ze te gretig was, gaf ze de vrouw alleen maar meer macht.

Natuurlijk moest atelier Carroll perfecte service leveren, maar Lucy liet veel te gemakkelijk over zich heen lopen. Eileen wist dat het jonge meisje die gevoeligheid vanzelf kwijt zou raken als ze tegenslagen te verduren kreeg.

Toch slaakte zijzelf ook een zucht van opluchting toen ze met een beleefde kniebuiging de deur achter Lady Almsworth sloot.

‘Eileen, je hebt mijn leven gered!’ Lucy, die haar spelden inmiddels weer bijeen had geraapt, kwam jubelend op haar af.

Eileen verstijfde toen de armen van het meisje haar omknelden. ‘Alsjeblieft, zeg. Die japon was een ramp!’

‘Maar jij was geweldig!’ bevestigde Mary vol ontzag. ‘Ik begrijp niet hoe je er zo onaangedaan onder kunt blijven.’

Eileen rolde met haar ogen en richtte haar volledige aandacht op haar naaidoos, die in de afgelopen zeven jaar bijna een verlengstuk van haar was geworden. Net als de marineblauwe jurk met witte kraag die alle naaisters droegen. Geen emoties tonen was de beste manier om te overleven, dat had ze wel geleerd. Natuurlijk ging ze dat deze meisjes nooit aan hun neus hangen.

 

>> Verder lezen?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *