Als je auto gehalveerd is

1 juni 2018
Delen via:

Enkele jaren geleden kwam ik mijn grote liefde tegen. Hij was blauw, schitterde liefdevol in de zon en kon mooie kunstjes op vier wielen (soms twee). Het ronkende wagentje, Nissan Micra 1997, kostte me een rib uit mijn lijf. Nooit vergeet ik het gevoel dat ik kreeg toen ik mijn handen op het stuur legde en me opeens besefte: “Deze auto is van mij”.

Nu is dat zo een aantal jaar gebleven. Liefdevol trokken wij met elkaar op, dag in en dag uit snorden wij over de snelweg. Weer en wind trotseerden wij met een schittering in koplamp en oog. Totdat het dinsdag werd.

Het regende, ik was wat moe en om heel eerlijk te zijn, was ik mijn werk die dag ontiegelijk zat. En tsja, je mag het online eigenlijk niet zeggen, maar ik had er flink de balen in. Niks geen rozengeur en maneschijn die dag, mijn filter was compleet grijs. Blur: 100%.

Twee auto’s voor mij remde iemand, de auto daarachter haalde het nog net. Ik niet meer en reed met een vaart van ongeveer 100 tegen de voorganger. Ik ben er gelukkig goed van afgekomen, Freddie de Nissan had het heel wat minder goed getroffen. De voorkant lag op de middelste rijbaan en de achterkant stond nog op de linker, Toen ik de deur opendeed om uit het wrak te klimmen, kreeg ik hem niet meer dicht.

“Nee,” zei ik tegen iedereen die het me vroeg, “nee, ik heb nergens last van. Geen nekpijn, geen rugpijn, alleen mijn knieĆ«n doen pijn”. En, met een wat verontwaardigde frons boven mijn ogen: “Bang om weer te rijden, ik? Nee! De volgende dag zat ik weer achter het stuur. Gehuild? Ik! Volgens mij kan ik dat niet”.

Toch kwam er een week na het gebeurde toch een traan in mijn oog. Ik zat daar op de bank en in mijn handen had ik het navigatiesysteem. Opeens besefte ik me dat ik Freddie nooit meer terugkreeg. Ik had dan wel een nieuwe auto en dat was ook heel fijn, maar Freddie hoorde toch bij mij. Het voelde opeens alsof er een stuk van mij afbrokkelde. ‘Mijn hart’, dacht ik melodramatisch, ‘het breekt!’. Nooit meer zal ik zijn oorverdovende gepiep horen en nooit meer zal ik zien hoe de temperatuurmeter zonder enige verklaarbare reden in het rood ging staan. Ik had opeens een auto waarbij alle ramen open konden, dus ik hoefde niet meer uit te stappen in parkeergarages. Opeens had ik geen auto meer waar in de achterbak klakkeloos weggooibarbeques lagen opgestapeld, maar ik had een auto die leeg was. Ik miste Freddie.

Ondanks dat ik van groot geluk mag spreken dat ik het heb overleefd. Ja, zelfs ondanks dat ik van groot geluk mag spreken dat ik nog moeiteloos sta, ondanks dat alles heb ik wel wat verloren in dat ongeluk. Mijn eerste auto. De voorkant op de middelste rijbaan en de achterkant is gewoon op de linkerbaan blijven staan.

 

Drie dingen die je niet moet zeggen tegen iemand die zijn eerste auto total-loss heeft gereden:

  1. “Ah, je hebt een auto-ongeluk gehad he! Zo verschrikkelijk. Oh, doet alles nu pijn? Ach ja, ik zie het: je enkels zijn echt dik.”
    Er was niks mis met mijn enkels. Die zijn blijkbaar altijd ‘echt dik’
  2. “Moet je been eraf?”
    En dan bij het negatieve antwoord enigszins teleurgesteld voor je uit gaan staren.
  3. “Ik heb een nieuwe auto!” “Ja, hahaha, Marianne. Je hebt de vorige zeker finaal kaduuk gereden”.
    Ik vind dit antwoord op mijn verblijdende nieuws getuigen van een gedegen wantrouwen in mijn rijkunsten. En dus geheel onterecht.

Reacties (1)

  • Frances Driessen schreef:

    Marianne, wat een mooi eerbetoon aan Freddie! En wij, ik ben zo vrij om voor allen te spreken, zijn blij dat onze originele collega er zo goed is afgekomen <3 Nog even volhouden met OV of carpoolen en dan…. mag je het stuur weer in eigen handen nemen. Heel veel veilige kilometers gewenst.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *