Hoe schrijf je een boek, deel III

18 januari 2019
Delen via:

Zoals ik in deel twee al zei, vind ik het bedenken en vormgeven van de personages een van de leukste onderdelen aan de voorbereiding van een boek.

Eigen wil

Al schrijvende gaan de karakters lijken op mensen die ik goed ken. Maar net als mensen in de echte wereld, doen ook deze personen soms dingen die je niet aan ziet komen. Dat was bij Een stip aan het einde van de wereldniet anders. Ik had me nog zó voorgenomen dat Lucine gewoon even naar een vriendin zou vluchten nadat ze de negatieve beschikking van de IND had gelezen; loopt ze in plaats daarvan weg van huis en vertrekt nota bene helemaal naar Duitsland…  Ik had vantevoren geen idee dat ze daar in een kerk terechtkwam en vervolgens op een boot vast zou komen te zitten! 

Doodvermoeiend, die personages met een eigen wil. Maar gelukkig komt overal een einde aan. Steeds als de voltooiing van een nieuw boek in zicht komt, en daarmee ook het einde van mijn maandenlange -zelfgekozen- kluizenaarsbestaan, slaak ik een diepe zucht. Ik rek mij uit, loop mijn schrijfkamertje uit naar buiten, knipper tegen het felle daglicht en denk: ik lijk wel gek!

‘Dit was mijn laatste boek’, zeg ik daarom op ferme toon tegen manlief. 

Waarom?

Waarom wilde ik dit eigenlijk? Welk vreemd soort masochisme bracht me ertoe mezelf op te sluiten in een zelfgecreëerde bubbel en het werkelijke leven aan mij voorbij te laten gaan? ‘Dit was mijn laatste boek’, zeg ik daarom op ferme toon tegen manlief. 

Hij knikt alleen en denkt iets in de trant van: waar heb ik dat eerder gehoord? Zijn sceptische zwijgen maakt dat ik er nog een schepje bovenop doe. ‘Nee, ik meen het deze keer echt! Ik schrijf geen woord meer. Nou ja, geen boek, in elk geval’, voeg ik er snel aan toe.  Want zonder schrijven is het leven niet leuk, zo goed ken ik mezelf nu ook wel weer. 

Maandenlang ben ik vervolgens bezig met een inhaalslag: variërend van huishoudelijke klusjes die zijn blijven liggen, het lezen van stapels boeken tot het bijspijkeren van verschillende sociale contacten. 

Het is weer zover

Maar dan opeens gebeurt er iets vreemds. Ik luister bijvoorbeeld naar een interview op de radio en denk: hé, dat zou een goed onderwerp zijn voor een boek! Wat later sta ik in de supermarkt te praten met een kennis die mij iets vertelt waarvan ik voel: daar zit een geweldig verhaal in! Of ik ben in de kerk na afloop van de dienst met iemand in gesprek en betrap mijzelf erop dat het me niet lukt te luisteren zonder dat ik er in mijn hoofd aantekeningen over maak. 

Kortom: het is weer zover. Het kriebelt, het borrelt het bruist… en het moet eruit! 

Thuis maak ik op mijn laptop een paar aantekeningen. Meer niet, zeg ik tegen mezelf, alleen wat ideetjes opschrijven. Altijd nuttig voor als ik ergens inspiratie voor nodig heb.

De aantekeningen groeien uit tot een paar A4-tjes en voor ik het weet ben ik weer aan het piekeren over namen. En ja, dan is er geen ontkomen meer aan: ik moet mijn hok weer in. 

Femmie van Santen

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *