Map-map-multomap

1 november 2017
Delen via:

Een tijdje terug verscheen mijn boekje Worden wie je bent, een deel uit de PUUR! in balans serie van Uitgeverij Kok. Een boekje dat ik heb geschreven om jou, de lezer, aan te moedigen jezelf te laten zien. Aan God en aan de ander. En vooral ook om aan te moedigen om je niet langer te laten leiden door de afwijzing van mensen, maar door de aanvaarding van God. In dat boekje gaf ik ook een inkijkje in mijn eigen leven. Niet om te vertellen wie ik ben, maar om te vertellen wie Hij is, en wat Hij kan doen in ons leven wanneer we ons aan Hem toevertrouwen en Zijn waarheid aanvaarden. In dat boekje zijn ook een aantal blogs opgenomen die ik al eerder voor  ‘Mariannes hoekje’ had geschreven. Deze keer is het andersom en deel ik met jullie graag een blog die ik speciaal voor het boekje heb geschreven.

Map-map-multomap

Op de dag dat ik als baby ter wereld kwam, kreeg ik de mooie voornamen Margje Cornelia Barbara toebedeeld. Namen die allemaal verwezen naar familieleden aan mijn moeders kant. Namen waar ik blij mee ben. Mijn roepnaam echter is een ander verhaal en – om maar met de deur in huis te vallen – deze is anders dan je denkt. Op de voorkant van mijn geboortekaartje staat namelijk niet ‘Marianne’ maar ‘Mappy’. Sierlijk geschreven in schuine letters, net onder het roze strikje op het witte, geschepte papier. Maar ik vond er weinig sierlijks aan. Wie heette er nu Mappy?
Mijn moeder legde me uit dat ze me deze naam gegeven hadden als liefdevol eerbetoon aan mijn tante Mappy, haar meervoudig gehandicapte en reeds overleden zus. Ook vertelde ze hoe het mijn oma tot tranen toe had geroerd dat ze mij naar haar dochter hadden vernoemd en ik zo met mijn naam de herinnering aan haar levend hield.

De naam leverde mijzelf ook tranen op, echter niet van ontroering, maar van verdriet, frustratie en onmacht.

Want los van het feit dat ik het als kind helemaal geen eer vond om naar een meervoudig gehandicapte tante vernoemd te zijn, was de naam aanleiding tot menig geplaag en gepest. Mappy werd Map en Map werd multomap; en steeds opnieuw klonk op het schoolplein het gejoel: Map-map-multomap. Map-map-multomap.

In tranen heb ik mijn ouders gesmeekt of ik mijn roepnaam mocht veranderen, maar mijn moeder kon het niet over haar hart verkrijgen om mijn oma dit verdriet aan te doen. Wel probeerde ze me steeds te troosten met de woorden ‘schelden doet geen zeer’, maar het troostte me niet, want ach, mijn lieve mams: schelden deed en doet wel degelijk zeer. Map-map-multomap. Map-map-multomap.

Marianne

Jaren later, toen mijn oma was overleden en wij naar een andere plaats verhuisden, zag ik mijn kans schoon en vertelde ik mijn ouders en familie dat ik nooit meer naar de naam Mappy zou luisteren en voortaan Marianne heette. Koppig als ik kon (en soms nog wel kan) zijn, liet ik me door niemand ompraten en reageerde ik pas weer op iemand als ik door hem of haar Marianne werd genoemd.

Na verloop van tijd was iedereen aan de verandering gewend, maar ook al was het gejoel op het schoolplein verstomd, in mijn oren klonk het nog net zo hard na.

Map-map-multomap. Map-map-multomap.

Naarmate ik ouder werd, waren er maanden, jaren dat ik er niet meer aan dacht. Toch haakte de angel blijkbaar nog steeds ergens in een hoekje van mijn hart, want tijdens een diepgaand gesprek met een vriendin – zomaar op een doordeweekse dag midden in onze keuken – kwam ineens het gejoel weer terug. Van het ene op het andere moment was ik weer dat meisje op het schoolplein dat niets liever wilde dan naar huis rennen, maar aan de grond vastgenageld leek te staan. Bij het zien van de opgevlamde pijn, deed mijn vriendin het enige juiste wat ze op dat moment kon doen – ze ging ter plekke samen met me in gebed. Voor het eerst in mijn leven bracht ik deze specifieke herinnering en deze pijn bij God. Map-map-multomap. Map-map-multomap.

Na het gebed daalde een stilte neer in de keuken; een stilte die het gejoel in mijn oren tot zwijgen bracht. En in die stilte hoorde ik een fluistering, een stem die mijn naam uitsprak: ‘Mappy’. Zo liefdevol, zo genezend en zo zegenend, dat ik niets liever wilde dan die naam blijven horen. Mappy.

Na dat kostbare uur heb ik serieus overwogen om weer als Mappy door het leven te gaan en deze naam nu met geheven hoofd en rechte schouders te gaan dragen. Om praktische reden heb ik de verandering toch maar achterwege gelaten, maar de zegen van dat uur draag ik nog steeds met me mee.

Geen pijn en schaamte meer. Alleen maar vrede en rust.

En een verlangen naar de dag, waarop ik opnieuw Zijn stem zal horen en van Hem mijn nieuwe naam ontvangen zal. Een naam die ongetwijfeld nieuwe tranen brengt. Maar dan van diepe vreugde.

Aan wie overwint, zal Ik van het verborgen manna te eten geven, en Ik zal hem een witte steen geven met op die steen een nieuwe naam geschreven, die niemand kent dan wie hem ontvangt.

Openbaring 2:17


Een zachtaardige jongen wordt kickbokskampioen. Een gewone knul belandt in de drugshandel. Een crimineel gaat knock-out. Joop Gottmers groeide op als zoon van een café-eigenaar. Zijn leven ontaardde in een uitzichtloze keten van geweld, drugs, heel veel geld en nog meer ellende. Toen ontmoette hij God en dat was het begin van een weg terug, met vallen en opstaan.

 

 

Reacties (3)

  • Bea(trix) schreef:

    Wat mooi! Heel ontroerend. Zo heet ík officieel Beatrix, omdat ik op 31 januari geboren ben, de verjaardag van -toen nog, in 1971- prinses Beatrix. Ik werd er ook mee gepest. Toen ik 18 werd, heb ik iedereen gesommeerd om voortaan Bea te zeggen. Maar nu ik ouder word… Beatrix heeft ook wel weer wat, natuurlijk. Best speciaal om zo te heten.

    • Marianne Grandia schreef:

      Beatrix is een prachtige naam! En past heel mooi bij de kroon op je hoofd (Ps. 89 – Wij steken ’t hoofd omhoog en zullen d’eerkroon dragen…)

  • Marian schreef:

    Wat prachtig, ontroerend geschreven! Niets is te groot, of te klein, voor Hem! Ik heet Marian, een naam waar ik altijd trots op ben geweest. Vernoemd naar mijn opa, mijn oma en mijn overleden broertje. Toen ik geboren werd was oma aan de beurt, maar mijn overleden broertje heette naar opa. Zo kreeg ik er een naam bij. Toch was er een naam die ik liever hoorde; mijn vader noemde me vaak Jet. Zomaar, niemand weet precies hoe hij daarbij kwam. Vorig jaar is mijn vader overleden. En ik mis hem, en ik mis het om nog eens Jet genoemd te worden…. Vond ik het vroeger regelmatig gek om Jet genoemd te worden en riep ik weleens quasi wanhopig tegen hem: “Zo heet ik niet…”, wat zou ik het graag nog eens horen….

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *